Gebeurtenissen

Wat is er tegen marktwerking bij talent?

In het afgelopen voorjaar is het naar recht en rede, in welke vorm ook, vaak gegaan over de salarissen en bonussen van topmensen bij de banken. De graaiers onder hen gebruiken steevast als argument dat onze banken de hoogste prioriteit dienen te geven aan toptalent in het bestuur. We moeten ten koste van alles voorkomen dat dat talent (e)migreert naar het buitenland, waar de beloningen vele malen hoger zijn dan hier. Wij moeten dus vooral navenant honoreren, om te voorkomen dat het talent het land uit loopt.

Hetzelfde mechanisme werkt overigens in alle maatschappelijke en economische sectoren waar salarissen en bonussen exorbitant zijn. De irritatiehype begint inmiddels weer te verstommen, zo gaat het steevast, zeker als de betrokken mensen een tijdje stil zitten. Het onderwerp raakt op enig moment op de achtergrond, de brand dooft vanzelf uit. Voor dit najaar wil ik echter het vuur met alle liefde oprakelen.

Ik vergeet nooit dat ik in 1984 met een bedrijfsplan naar de ABN stapte voor een krediet. Deugde het plan? Natuurlijk, ik had het zelf verzonnen; ronkende teksten en een overdadige lading cijfers. Hij beschouwde mijn ogen, haar, stropdas, overhemd, blauwe blazer, antracietgrijze broek en zwarte, glimmende schoenen… en verstrekte me drie honderd duizend gulden. Meer dan ik had gevraagd.

Dat ligt vandaag de dag anders. Het gaat niet meer om handelsgeest, kenmerk van de gedreven ondernemer, maar puur om macht. Als regelaars van de geldstromen zijn veel bankiers tegenwoordig ordinaire machtswellustelingen met een overontwikkelde hebzucht. Laat mij jouw kwartje zien, dan zal ik kijken of ik nog ergens een stuiver voor je kan vinden. Van hetzelfde laken een pak voor een aantal ceo’s van grotere bedrijven.

Bij de stelling dat zogenaamd toptalent vertrekt, als je ze niet ‘internationaal marktconform’ honoreert, zijn wel wat opmerkingen te maken. De eerste is een logische. We hebben het over een talent, iemand die in zijn vakgebied de top nog moet bereiken. Dat vereist een lange opbouw van kennis en ervaring, en veel doorzettingsvermogen. Het is niet zeker dat elk talent een topper wordt. Er zijn er genoeg die in de praktijk door de mand vallen.

Een tweede opmerking sluit aan bij het advies dat premier Rutte een tijdje geleden gaf: ‘toedeledoki’. Een armzalige aanduiding die bedoelt te zeggen dat die zogenaamde talenten vooral naar het buitenland moeten afreizen, als ze dat willen. Ikzelf zou zeggen: mensen die voor het geld gaan, zijn pubers die nog moeten ontdekken, dat je met geld geen geluk kunt kopen. En ook geen niveau. Laat ze daar vooral in het buitenland achter komen, dan hebben wij geen last van hun groeistuipen naar volwassenheid.

Een derde argument waarom ze vooral moeten oprotten, is dat ze een verkeerde focus in hun hoofd hebben. Ze zijn geldgericht, niet klantgericht. Ze missen de intelligentie om hun verantwoordelijkheid te beseffen. Zij moeten bezig zijn om klanten tevreden te stellen en zo een positieve bijdrage leveren aan de bloei van de economie.

Nummer vier: van heel veel emigranten is bekend dat zij hun hele leven hun geboortegrond een nat warm hart toedragen, er vaak aan terugdenken en er slijmerig over praten. Aan het eind van hun leven zouden velen het liefst terugkeren naar hun vertrouwde Dutchland. Dat ze daartoe veelal niet besluiten, heeft te maken met geld, kinderen, vrienden, gemakzucht en onzekerheid of ze in hun vaderland nog serieus genomen zullen worden. Maar de heimwee blijft knagen en maakt hen week en zwak. Hebben we niets aan. Wegblijven graag.

Een vijfde opmerking behelst een link bijverschijnsel. Op het moment dat jij als ceo van een bank of bedrijf een toptalent een laag salaris biedt, geef je impliciet toe, dat jij zelf te veel verdient. Door jouw mogelijke opvolger een vet salaris te geven, vergoelijk je jouw eigen exorbitante honorarium. Het was een veelzeggende misser van de bankbazen om zichzelf een flinke salarisverhoging en extra bonussen te schenken. Wie over het geld gaat, heeft in veel gevallen de neiging eerst zichzelf flink te bedienen.

Mijn zesde opmerking is een niet onbelangrijke kleinigheid. Door te blijven benadrukken dat je toptalent top moet belonen, geef de baas te kennen dat hij zichzelf ziet als een topper. Als jouw spaargeld als gevolg van het schandelijk handelen van de toppers in de afgelopen 7 jaar geheel of gedeeltelijk is verdampt, je in grote geldnood terecht bent gekomen of zelfs ‘onder water’ staat, hoef je niet te rekenen op medeleven.

De achtergrond van de meeste mensen die niet te bevredigen geil zijn van geld, is wat zij in hun jeugdjaren aan den lijve hebben meegemaakt. Vader moest keihard sappelen voor een scheet en drie knikkers. Er was nooit geld voor iets extra’s, een driewieler, een dagje uit, hippe nieuwe kleren, een rijk belegde boterham, genoeg warm eten. Dat zal mij nooit gebeuren, hebben ze op enig moment besloten. Ze kozen de afslag van de zelfverrijking. Dat ze op die manier economieën naar de filistijnen helpen en hun klanten onoverzienbare financiële problemen bezorgen, beschouwen ze als ‘helaas pindakaas’.

Summa summarum. De samenleving zit niet te wachten op karakterloze bazen die geld graaien als prioriteit hebben. Wij zijn gebaat bij bazen die uit het goede hout zijn gesneden en mentaal van voldoende niveau om te kunnen omgaan met de macht die ze qualitate qua hebben. Zij moeten voldoende intelligentie bezitten en de juiste instelling om op een zuivere manier met die macht om te gaan. Op het wereldtoneel ontbreekt het daar nogal eens aan. Om die reden is het van het grootste belang om marktwerking ook bij talent zijn werk te laten doen. Kan je ergens anders meer verdienen, ga dan vooral naar elders. Ben je een slim mens met een goed ontwikkeld gevoel voor verantwoordelijkheid… werk aan een betere wereld en beloon jezelf in bescheidenheid.

NB: leerzaam staaltje marktwerking. De historicus James Grant is een icoon op de financiële markten, uitgever van Grant’s Interest Rate Observer. Hij heeft mondiaal een degelijke reputatie opgebouwd, geliefd bij beleggers, gewantrouwd door bankiers. Grant is al jarenlang kritisch over het rentebeleid van FED en ECB. Ook plaatst hij grote vraagtekens bij het aanzetten van de geldpers door de centrale bankiers.

Hij was 19 april te zien en te horen in Buitenhof. Een van de dingen die hij zei:
‘We moeten stoppen met het redden van banken. Banken manipuleren munteenheden in plaats van munteenheden te begeleiden als waardepapieren van een vaste vorm, onder andere goud. Hun eenheden zijn computereenheden, die gemakkelijk kunnen worden gemanipuleerd. Ze zetten de geldpers aan en drukken geld dat niet wordt gedekt.

Als ondernemer kun je tegenwoordig geld lenen terwijl je bedrijf een rommeltje is, tegen een rente die door de bank wordt bepaald. Rente bepaalt de stand van de economie en daarvoor moet je hem gebruiken. Als je hem gaat manipuleren, kunstmatig verhogen of opjagen, gaat het fout.

Het zou zo moeten zijn, dat de kapitaalverstrekkers niet alleen de winst nemen maar ook het verlies dragen. Laat banken gewoon failliet gaan. De aandeelhouders moeten opdraaien voor de verliezen. Nu hebben we een kapitalisme waar de hoge heren de winst opstrijken en de belastingbetaler de verliezen mag betalen. Marktwerking houdt dat gedrag tegen.’

(met dank aan VPRO, AVROTROS en VARA)